Zo boven, zo beneden...
Toen ik zes was, vroeg ik aan mijn moeder waarom ik net diegene was wie ik was en niemand anders. Ik kon maar niet begrijpen dat ik enkel 'Veerle' was en niet mijn zus of mijn vriendinnetje of mijn buurjongen kon 'zijn'. Wat ik toen niet kon beschrijven was dat ik me eerder één voelde met veel. Heel veel eigenlijk en ineens besefte ik op die leeftijd dat ik een persoon was, niet één met alles en iedereen. Wat ik ook niet begreep, was die vele sterren daar boven aan de hemel. Hoe was dat in godsnaam mogelijk dat er zoveel waren? En waar was het einde? En waarin zat het heelal? Ik denk dat mijn fascinatie voor de kosmos toen al was begonnen....
Natuurlijk beïnvloeden de vele planeten NIET ons doen en laten, maar ze zijn wel spiegels. Ze reflecteren hoe het met ons gaat. Vandaar: 'zo boven, zo beneden...'